De vlam van de oecumene blijft altijd branden

Een leven na de dood?

Column door Frans van Schaik


Geloof jij erin? Een vraag, die zo vaak gesteld wordt, maar zelden duidelijk beantwoord. “Ik weet het niet, ik wacht wel af, er zal misschien wel iets zijn!” Maar verstaan we de vraag wel goed? Er wordt jou niet gevraagd: “Bestaat er volgens jou een hiernamaals?” Maar: “Heb jij vertrouwen in een leven dat sterker is dan de dood?” M.a.w. “Durf jij erop te vertrouwen dat jouw leven zo sterk is – ondanks alle broosheid en duisternis en niet-zien – dat je naam blijft genoemd worden en niet vergeten wordt?” Kortgeleden las een man bij de uitvaart van zijn vrouw het volgende gedicht voor. Wetend wat hij samen met zijn geliefde de laatste jaren had doorgemaakt, waren de vele aanwezigen doodstil, toen zij hem hoorden zeggen:

Een leven na de dood?

Gelooft u, vroegen ze mij,
in een leven na de dood?
En ik antwoordde: ja,
maar vervolgens wist ik niet te
vertellen
hoe het er uit zou zien,
hoe ik er zelf zou uitzien
ginds.                                                                            

Ik wist maar één ding:
geen hiërarchie
van heiligen gezeten op gouden
stoelen,
geen neerstorten van verdoemde
zielen
alleen.

Alleen liefde, vrij geworden,                                                                                   
nooit opgeteerd
mij overstromend,

geen mantel stijf van het goud
met edelstenen bezet,
wel een spinnenweb-lichtgewaad,
wel een waas om mijn schouders,
een liefkozing, mooie beweging
zoals eens van zeegolven
zoals van woorden die heen en
weer
woordflarden
als: kom jij kom

Pijnweb met tranen bezet
berg-en dal-tocht
en jouw hand
weer in de mijne

Zo lagen wij, las jij voor
sliep ik in
werd wakker
sliep in
werd wakker.
Jouw stem ontvangt mij,
laat mij gaan en steeds
zo verder.

Méér dus, vroegen de vragers,
verwacht u niet na de dood?
En ik antwoordde:
minder niet.

(Marie Louise Kaschnitz, vertaling Paul Begheyn, sj)

Voor mij was de rest van de viering verder een Paasfeest. Een feest van geloven in ieders leven, als het niet doodgezwegen wordt door andere mensen. Een feest van geloven voor iedere mens omdat er een God is die iedere mens kent bij name. Ik wens ieder van U dit feest van geloven toe, niet méér, maar ook niet minder.

Nieuws